Voor Pampus liggen


Mijn ouders hadden vrienden in Durgerdam en daar gingen we vaak langs .
Kees en Jane hadden twee kinderen Emma en Jasper.
Jasper was een paar jaartjes jonger dan ik maar dat maakte ons niets uit.
In de zomer gingen Kees en mijn vader willem en nog een vriend van hun die Rutcher heet vaak surfen.
Als de wind goed stond surfte ze vaak naar Pampus en weer terug.
Dus toen Jasper en ik op een goed jaar ook een beetje konden surfen zagen wij dat ook wel zitten.
We hadden niet verwacht dat het zou mogen maar tot onze verbazing waren we een half uur later onderweg op voorwaarde dat we bij elkaar in de buurt zouden blijven en dat wede zwemfesten zouden dragen.
Er stond best wel een lekker windje en ik was erg in m'n schik met het hele avondtuur.
We maakte er een beetje een wedstrijdje van.
Jasper ging helaas wat sneller dan ik maar wat ik ook deet ik kon het niet sneller laten gaan.
We waren al ruim over de helft en ik kon Pampus duidelijk voor ons zien liggen maar de wind leek wat te gaan liggen.
Ik keek naar de wolken achter me omdat ik vond dat er niet echt veel wind was en hoopte dat er nog wat aan zou komen waaien.
Mijn wens werd tot mijn schrik beloond want boven Durgerdam zag ik een enorme grote zwarte wolk opdoemen.
Niet een gewone wolk maar een onweerswolk was het.
Ik merkte dat de wind nu bijna stil lag en dat de vliegen op het water lagen.
Jasper was nog druk bezig met de wedstrijd maar na wat roepen en op het fluitje van het zwemfest te hebben geblazen keek hij om en zag mij met m'n armen zwaaien en naar de wolk wijzen.
We bespraken wat te doen nu we snel in een gevaarlijke situatie terecht zouden gaan komen.
We konden proberen Pampuste bereiken maar dat zou het allemaal niet veel beter maken.
Terug naar Pampus was geen optie.We konden als het onweer zou komen in het water kunnen gaan liggen zodat de kans op inslag zou verkleinen en dan langzaam naar pampus zwemmen om daar te wachten tot het over zou zijn.
Er was geen andere boot te bekennen in de hele wijde omtrek.
Het begon heel hard te regenen.
En de wind nam flink toe opeens maar het onweer was er zeker nog niet zagen we.
We zagen dat de wolk vrij kompakt was en dat ie recht op ons af kwam.
We konden nog best gebruik maken van de wind zolang de wolk met bliksem nog niet bij ons was.
We probeerden verder naar Pampus te surfen maar we zagen in dat we dat niet op tijd zouden gaan halen.
Opeens kregen we het idee dat we de wolk mischien konden omzeilen.
We zette koers in de richting van Edam en dat was een lekkere koers want we vlogen over het water.
Na 10 minuten zagen we dat de wolk niet meer over ons heen zou gaan.
We kruisde langzaam op terug naar Durgerdam waar we na een dag van 8 uur surfen met lamme armen aankwamen.
Onze ouders waren zeer ongerust geweest en waren heel blij dat we weer heelhuids thuis waren gekomen.
Als ze hadden geweten dat het zou gaan onweren was het nooit goed geweest.
Na een hele lange warme douche kregen we pannekoeken en was ik stiekum apetrots op ons avondtuur.

Dikke beer!


Ik kon het niet laten dit verhaal met kerst aan m'n familie en vrienden te vertellen.
Ik woonde in Amsterdam en ging soms snachts op pad met wat spuitbussen.
Deze nacht was ik erg laat want ik kwam uit een nachtcafe.
Ik was behoorlijk beschonken maar ik had er zin in en ik had nog wat verf en ik wist een plek waar ik vrij ongestoort m'n gang zou kunnen gaan.
In het Westerpark stond ik bovenop m'n fiets om zo tot de bovenkant van het electriciteitshuisje waar ik een grote beer op aan het schilderen was te kunnen bereiken.
Af en toe reed er een vroege trein langs over de spoorbaan die naast het park licht maar ik stoorde me er niet aan en ik probeerde zo goed mogenlijk m'n evenwicht te bewaren met m'n dronken kop.
Toen ik naaar links keek zag ik opeens een gestalte op me af komen.
Ik sprong van de fiets en zette de spuitbus op de grond trok m'n handschoenen snel uit en smeet ze in de bosjes.
Maar ik was te laat hij moest het gezien hebben.
Hij had me op heterdaat betrapt iets wat ik altijd probeer te voorkomen, maar het was zo te zien geen politie.
Het was een vrij houterig bewegende grote kale man.
Hij stond naast me en ik dacht in een flits van een seconde dat ik maar beter een praatje kon maken om m te vriend te houden.
Wat vind je van m'n beer vroeg ik.
Ik zag dat de beer heel groot en niet echt mooi wasik keek naar links naar de man omdat hij niet antwoorde.
Hij keek ook naar de beer met een wat geconcentreerd gezicht.
Opeens zag ik dat hij met z'n klouwen z'n lul uit z'n broek had gehaald en ermee aan het spelen was.
Het was een hele grote lul en dan te bedenken dat ie nog slap was ook, wat een monster!!!
Plotseling voelde ik me heel kwaad en begon tegen de man te brullen dat hij onmiddelijk moest opdonderren en dat ie hier niets te zoeken had en dat ie voor dat soort praktijken aan de andere kant van het park moest wezen.
Vuillak!!!
Hij stopte z'n lul snel terug in z'n broek en ging er met de staart tussen de benen vandoor.
Ik kon nog niet helemaal fatten wat er was gebeurt maar die beer heb ik nog maar even af gemaakt.

Eens een dief altijd een dief


Ik heb me altijd erg netjes gedragen in mijn leven maar een keer heb ik me toch echt misdragen.
Ik kan me herinneren dat ik bij Martijn de Keizer was geweest en dat ik daar erg jaloers was geraakt op zijn klappertjespistool.
Het was een lichtbruin plastick kolt.
Martijn had deze van de speelgoedwinkel Boon tegenover het Heilige bad in de Heiligestraat.
Ik had zwemles in de Heiligeweg dus ik wist meteen waar dat zo een beetje was.
Hij had dat pistool voor 10 gulden gekregen geloof ik.
Ik liep maar met die kolt in m'n hoofd rond te dromen.
Ik moest ook zo'n ding!
Ik had zelf geen 10 gulden en als ik dat geld aan m'n ouders zou vragen zouden ze willen weten wat ik daar voor zou willen kopen.
Als ik zou vertellen dat ik er een pistool van zou kopen zou dat niet door gaan natuurlijk.
Ik heb het toen niet kunnen laten om op een onbewaakt moment 10 gulden uit mijn moeders portemonaie te stelen, die ze vaak in haar winterjas liet zitten als die aan de kapstok hing.Ik kocht de kolt bij Boon en liet deze meteen toen ik weer bij Martijn was aan hem zien.
Precies dezelfde!!!
We hadden een fijne dag tevens ook door de walkie talkies die hij had.
Thuis vertelde ik m'n moeder dat ik de kolt van Martijn had gekregen.
Ik kan me niet meer helemaal herinneren of ze het toen wel of niet heeft ontdekt maar wel weet ik dat we in de zomer daarna ergens in zuid Europa in hotel verbleven alwaar ik vermoed de kolt in een laatje te hebben laten liggen.

Ouwe pik ouwe pijp

Ik weet zeker dat het Daniel Hofstede was die voor het eerst met de term Ouwe Pik Ouwe PIjp kwam aanzetten.
In dat jaar ging ik op vakantie met Michiel Schuurman naar Corsica.
We liepen van de oostkust naar de westkust.
Het was Oktober en het zomerseizoen was net voorbij.
Alle Campings en hotelletjes waren dicht of veels te duur.
We hadden wel een tent bij ons maar officieel mag je op Corsica niet wildcamperen.
Op de tweede dag hadden we 8 uur gelopen en we konden nergens terecht en het begon waanzinnig te waaien en het onweer kon er ook nog wel bij.
Na nog een uur lopen de tent ergens in de bosjes gemuffeld.
Michiel voelde zich niet goed en omdat het ook al donker was en omdat we ook geen bier hadden zijn we maar gaan pitten.
De volgende ochtend waren we al vroeg op en nadat we een tijde hadden staan staren naar een contaktsleuteltje in een verlaten graafmachine besloten we toch maar verder te gaan.
Michiel heeft bij de rivier toen z'n blaren verzorgd en we konden dus met goede moet verder met onze tocht.
We aten een boterham op een veldje waar wat koeien liepen toen we opeens een hele zooi baby wildezwijntjes zagen rondrennen.
Ze liepen gezellig om ons heen alsof we er niet waren ze rende ook niet weg.
We waren enorm op onze hoede aangezien de moeder wel eens in de buurt kon zijn.
Gelukig hebben we haar niet gezien.
Na een flinke heuvel te hebben beklommen begon het te regenen en trokken we onze regenkleding aan.
In een veld zagen we een oude boer wijdbeens op z'n grond braken.
De boer zag ons niet en het gaf ons veel plezier.
We kwamen bij een dorpje en we besloten wat eten en drinken te kopen.
De bakker was ziek dus konden we brood bij het postkantoor kopen daar hadden ze brood van de bakker van een dorpje verderop.
Hele norse figuren liepen er rond in dat dorpje.
Heel veel jagers met geweren en rouwe gezichten.
Wat moesten die twee vreemde snuiters hier zo buiten het seizoen.
Na een tijdje daar te hebben gestaan daar op de stoep van het postkantoor zagen we voor het eerst de twee honden die ons toen de rest van de dag hebben vergezeld.
Eerst dachten we dat ze gewoon een stukje mee op zouden lopen maar na 2 uur was daar geen sprake meer van en vonden we het heel wonderlijk dat ze bij ons bleven.
Ze waren heel oplettend en toen er boven op de heuvel van het pad waar wij op liepen opeens een enorm corsicaans varken met enorme oren met z'n poten in de modder aan het schoppen was en aan het snuifen was, ze er als een speer blaffend op af vlogen.
Het varken schrok zich rot en ging er al gillend vandoor.
De honden waren er heel tevreden over leek het.
Vanaf toen zijn we ze Ouwe Pik en Ouwe Pijp gaan noemen geloof ik.
Na een flinke klim kwamen we op de top van de groot uitgevallen heuvel of mischien klein uitgevallen berg.
Daar was een paardenrange en die paarden daar die rende daar door de modder met hun dampende lijven in de stromende regen.
Ook liepen er overal van die Corsicaanse varkens en steeds als die in de buurt kwamen begonnen die twee honden van ons heisa te maken.
We liepen over een pad dat wat af liep aan de andere kant van de heuvel en toen we de bocht om gingen schrok ik behoorlijk toen daar een enom lijf van een dooie koe lag.
Het was ook niet helemaal zeker of ze wel dood was maar aangezien er een groot gat op de plek waar het oog had gezeten vol met vliegen was waren we er na die ontdekking vrij zeker van.
We hadden het er over dat het voor ons natuurlijk allemaal wat onwennig was aangezien we stadsjongens zijn.
We kwamen vervolgens op een vrij smal aflopend pad met rechts een stijle heuvel en links een hoog hek.
Toen we daar een tijdje op gelopen hadden en weer een bocht om gingen begonnen die honden te brommen en voor er erg in hadden rende ze woest en blaffend op een stier af die daar min of meer onze weg versperde.
We schrokken ons rot vooral ook omdat we geen kant op konden .
De stier verdedigde zichzelf en maakte wilde trapbewegingen en haalde uit met z'n horens naar de honden.
De vrouwlijke hond werd lichtgeraakt door een poot en een hoog jankgekuid luide hun terugkomst in.
De honden kwamen met de staart tussen de benen en vragende ogen bij ons.
Je zou kunnen zeggen dat honden met hun ogen kunnen praten want we antwoorden en zeiden dat we ze niet konden helpen en dat ze tenslote ook niet gevraagd waren om dat beest voor ons aan te vallen.
Het vreeme was dat het leek alsof ze dachten iets anders te hebben gehoord.
Iets in de trent van:Ah jo wat is dit nou geven julie nu al op jullie kunnen die domme stier toch best wel aan.
Want ze sprongen allebij tegelijk weg en vlogen opnieuw in op die stier die het nu toch echt te veel werd want hij draaide zich om en begon voor ons uit te lopen op dat pad.
Toen we het beest ijndelijk konden passeren en we weer wat rust hadden waren we erg opgelucht.
We staken een waterval over en die gekke honden gingen niet over de stenen maar gewoon door het ijskoude water.
Wat een waanzinnige dag vonden we het op dat punt al, maar toen we na nog wat uren dan bij het dorp van bestemming aankwamen en bleek dat ook daar het hotel dicht was werd het toch wel heel vermoeiend.
Het probleem was dat we op een berg waren en dat er nergens een plat stukje grond te vinden was en dat wildcamperen nog steeds verboden was.
We zagen een telefooncel en we besloten met de politie te bellen om te vragen wat we moesten doen.
De gendarmerie zij dat we het aan de burgemeester moesten vragen, die woonde midden in dat dorpje.
Michiel zou daar wel even langs gaan.Dus toen ik bij de rugzakken bleef en Michiel daar heen ging gingen die honden met hem mee.
Michiel vertelde dat hij toen de deur openging de trap op ging en helemaal was doorgelopen tot de 3e verdieping.
Dat was niet de bedoeling want ze zaten in de keuken een hapje te eten.
Dus zo stond `Michiel met die twee honden in de keuken bij de burgemeester in gebrekkig frans uit te leggen in wat voor situatie we waren beland.
De burgemeester vond het het beste als we bij de gesloten camping over het hek zouden klimmen.
Zo gezegd zo gedaan en die twee honden hebben we maar een handje geholpen.
Tentje opgezet en hapje gekookt.
De honden hebben we ook wat eten gegeven.
Plotseling kwam er een auto met paardenaanhangwagen de camping opgereden.
Ik legde twee franse mannen uit wat er was gebeurt.
Ze vonden het geen probleem en lieten de paarden uit de aanhangwagen en vertrokken.
Twee grote hengsten een witte en een bruine stonden ons aan te staren en de honden begonnen enorm te grommen.
De paarden gingen eerst wat rond wandellen maar een paar uur later toen we al in onze slaapzakken waren gekropen hoorden we de hoeven van de paarden en het geblaf en gegrom van de honden.
De paarden leken aan alle kanten van de tent rond te rennen en ook de honden waren er heel druk mee.
Ik werd er bloed nerveus van aangezien ik me in m'n hoofd al allerlij doembeelden had opgeroepen.
Ik was vooral bang dat zo'n paard zou proberen niet per ongeluk op een hond te trappen en daardoor over een scheerlijn van de tent zou struikellen en daardoor z'n evenwicht zou verliesen en vervolgens met z'n zware lijf geen andere uitweg meer kunnen vinden dan op een heokje van de tent te gaan staan waar net mijn schedel onder lag die dan fijn in stukjes gesplet zou worden.
We opende de tent, een van de paarden stak meteen z'n hoofd naar binnen en daarachter zag ik dat het andere paard een van de honden als een soort voetbal met z'n neus vooruit dribbelde.
Michiel vond het allemaal wel leuk leek het maar ik vond het hoogst onaangenaam en dat vond Michiel weer erg leuk.
Ik probeerde wat te ontspannen maar toen de tent vlak naast m'n hoofd enorm indeukte omdat een paard dwars door de tent heen kon ruiken dat daar het brood lag en een poging deet om daar een hap van te nemen werd het mij te veel.Ik overtuigde Michiel dat we de tent of de paarden moesten verplaatsen zo dat we geen last meer zouden hebben.
We liepen wat rond over die verlaten camping en zagen een tennisveldje met hoge hekken er om heen.
Het leek mij een goed idee om daar de tent te zetten maar toen we bij de enige ingang van het tenniveldje kwamen stond het witte paard daar triomfantelijk te briezen en met z'n staart te zwaaien .
Het was een soort grote grap geworden maar het was tegelijkertijd ook wel vervelend.
De paarden waren ietsje later in een soort betonnen lege stal gaan lopen daar leken ze nog groter en ze stampte met hun hoeven om het hardst tegen de muren alsof ze ons schrik wouden aanjagen.
Mij joegen ze in ieder geval wel schrik aan.
Achter de stal was een soort paardenveldje en we realiseerde ons dat dat het veldje van de paarden moest zijn in tijden dat de camping in gebruik is.
Als we die paarden daar in zouden kunnen lokken en het veldje dan op de een of andere mannier zouden kunnen afsluiten zouden we geen last meer van ze hebben.
Michiel had het lef om die stal in te gaan op een moment dat die paarden even ergens anders liepen en daar op zolder vond hij wat balken.
Samen met wat touw konden we die samenbinden tot een grote lange balk en daarmee konden we dat veldje afsluiten.
Het was veel makkelijker om de tent op dat veldje te zetten in plaats van die paarden daar in te lokken dus toen we dat tentje daar hadden staan en die paarden met hun grote ogen bij het afgesloten hekwerkzagen staan konden we ijndelijk gaan slapen.Het was heel koud geworden en we gingen snel die tent in en die honden wouden ook mee in de tent maar Michiel is allergisch voor katten en honden dus ging dat niet door tot grote teleurstelling van de honden.
Na een tijdje kropen de honden aan weers zeiden aan de buitenkant van de tent tegen ons aan om het zo ietsje warmer te hebben.
Na een tijdje begonnen die honden te snurken en moesten we daar een beetje om laggen totdat ook wij sliepen.
Opeens werd ik wakker want een van de honden was begonnen met een onheilspellend gegrom.
We kropen uit de tent om te kijken wat er aan de hand was.Was er soms een paard door het hekwerk weten te komen?
Nee toch niet maar er was wel wat vreemds aan de hand.
Het was warm geworden en het was vreemd donker.
Toen we omhoog keken zagen we wat Ouwe Pik zo onrustig had gemaakt.
Er was een echte maansverduistering!

Een aantal jaar later gaf ik m'n eerste ijgen filmfestival waar vrienden zelf korte zelfgemaakte filmpjes mee naartoe konden nemen.
Het was zo een succes dat ik dit nu ieder jaar doe.
Het filmfestival heet Ouwe Pik Ouwe Pijp Filmfestival!
Kijk op You Tube naar een aantal van die filmpjes , door ouwe pik ouwe pijp in te typen.
Via deze blogspot laat ik weten wanneer de volgende Ouwe Pik Ouwe Pijp filmfestival plaats vind.

Regenpijp

Op een dag ging ik in een weeken met Martijn de Keizer die bij mij in de buurt woonde wat buurten.
We deden veel al aan krosfietsen zo leerde we springen en slippen.
Ook hebben we een sneeuwmachine gemaakt door een fiets onderste boven te zetten , heel hard het wiel te laten draaien en vervolgens een groot stuk piepschuim tegen de spaken te houden.
Ook speelde we wel eens bergklimmertje.
Ergens in de Nieuwelooierstraat was een wand met wat stangen een regenpijp en wat rigels.
We probeerde altijd zo hoog mogenlijk tegen die wand op te klouteren maar omdat de regenpijp niet zo stevig was konden we niet veel hoger dan een metertje of 4.
Maar 50 meter verderop was een andere regenpijp en die was best stevig.
Martijn klom heel hoog in die pijp.
Toen het mijn beurt was klom ik tot aan de dakgoot.
Op het moment dat ik daar was en naar beneden keek zag ik dat m'n moeder daar net kwam aanfietsen.
Ze stopte omdat ze Martijn daar zag staan.
Ze vroeg waar ik was.Martijn kon natuurlijk niet vertellen dat ik zo goed als op het dak zat dus zei hij dat ik net naar huis was gegaan.
M'n moeder fietste weg en toen ze weg was klouterde ik snel naar beneden en nam afscheid v Martijn en nam een alternatieve route naar huis.

Noorderstraat in de eighties

In de Noorderstraat was een garage en daar hadden z een echte pappagaai!
Daar werkte een aantal grote jongens aan auto's en brommers.
En ook de baas daar deet altijd heel nors tegen ons als we langs liepen en vroegen of we mischien een veer mochten hebben die dan op de grond onder die pappagaai lag.
Die veer kregen Sjaakie en ik dan ook niet.
Iets verderop was een soort basketbalveldje en daar zaten die vervelende jongens als ze niet in die garage waren.
Ze joegen ons altijd weg en ze drijgden dat ze ons in elkaar zouden slaan als we niet op zouden donderen.
Op een dag toen het weer eens zo ver was zijn we het tegen Sjaakies vader gaan zeggen.
Ik weet niet meer hoe hij heete maar ik weet nog wel dat Sjaakies ouders op het punt stonden om te gaan scheiden en dat omdat ze volgens mij vaak ruzie hadden wij dan buiten moesten spelen.
Dus toen hij hoorde dat die gasten zo rot deden en hij het toch al helemaal had gehad daar met die vrouw is hij naar buiten gerend om de confrontatie met die gasten aan te gaan.
Ik en Sjaakie stonden achter hem en We moesten z'n lange regenjas die hij had uitgetrokken vast houden dan zou hij die gasten even een lesje leren.
Ik weet nog heel goed dat Sjaakies vader toen nog een week lang een blauw oog had.
Ik vond dat wel rot voor hem tevens ook omdat hij in diezelfde tijd het ook al voor mekaar had weten te krijgen een dartpijltje precies midden op z'n schedel te laten landen die hij toen vervolgens voorzichtig uit z'n hoofd had moeten trekken.Althans dat is wat Sjaakie mij had verteld.

TGV

Toen ik 13 jaar oud was ging ik met een zeilkamp naar Frankrijk naar Annecy om daar op het meer met lasers te varen.
De groep kwam bij elkaar voor het oud hollands koffiehuis vooor het centraal station in Amsterdam.
Vanaf daar namen we de trein naar Parijs.
In Parijs stapte we over op de TGV.
We waren met een groep van ongeveer 12 kinderen en een begeleidster.
Ze was heel knap en had mooi blond haar.
Het was moeilijk om in die grote trein onze gereserveerde plaatsen te vinden tot opeens onze begeleidster zich realiseerde dat we een uur te vroeg waren en dat we er dus meteen uit moesten.
Jasper een jongen die ik al kende was mee en we trokken een beetje samen op.
Toen we die TGV uit moesten zat opeens een touwtje van zijn tas vast tussen de schuifdeur maar op de een of andere mannier zat nergens een deurknop of hendel om de deur te openen.
We begrepen er niets van en de hele groep was al de trein uit.
Een Fransmasn begon wat tegen ons te kletsen maar ook daar konden we niets mee.
Hij wees naar boven en wat bleek...
Een klein rood knopje boven de deur op een plek waar kinderen er nooit bij zouden kunnen was bedoelt om die deur te kunnen openen.
De fransman hielp een handje en we liepen snel naar het tussencompartiment naar de uitgangsdeur van de trein maar die was dicht!!!!
Ik zag de blonde begeleidster nog tellen van 9 10 11 tw...We klopte op het raam toen de TGV begon te rijden en ze schrok zich paars en geel en riep dat we er in Lyon uit moesen en moesten wachten.....
We hadden geen kaartjes bij ons en we hadden geen telefoon in die tijd en ik wist niet dat er geen haltes tussendoor zouden komen dus ik was bang dat we de trein zouden worden uitgegooid.
Maar een aardige Fransman zou ons gaan helpen zij die in gebrekkig belgs.
We kregen een colatje en we raasden met 200 km/u naar Lyon waar we na aankomst nog een uurtje hebben gewacht tot de volgende TGV er was.

Gijsje van Tiel


Het is niet zo dat ik alleen vroeger toen ik klein was domme dingen deet, tegenwoordig kan ik er ook wat van.
Een paar jaar geleden kwam mijn vriendin Serina vanuit Zweden een weekje naar Nederland deels voor mij en deels voor haar studie.
Ze moest daarvoor in Elst wezen.Het was hartje zomer en ik had wat vrije tijd genomen.
Ik had bedacht dat het wel aardig was als ik daar ergens in de buurt van Elst op een camping een tenje zou opzetten.
Nadat Serina op de plaats van besteming was nam ik de pont naar de andere kant van de grote rivier waar ik de naam alweer van ben vergeten en na een half uurtje fietsen op mijn fijne racefiets was daar een pracht van een camping.
Een mooi plat stukje gras werd mij gewezen en toen ik tevreden terug kwam van het toillet en in mijn grote rugzak keek realiseerde ik dat ik waarschijnlijk altijd wel een beetje een malloot zou blijven aangezien mijn tent nog in Amsterdam lag.

solemio

Ik bedacht me gisteravond opeens dat ik ooit iets heel doms heb gedaan!
Het was s'ochtends vroeg en ik kon niet meer langer wachten dus kroop ik stilletjes m'n bed uit en sloop ik naar de huiskamer alwaar de openhaard met daarvoor de twee schoenen (die van mij en die van m'n zus ) zich bevond.
Ik zag onmidelijk dat er zeker wel sprake moest zijn van een vergissing aangezien het grote kadeautje in de schoen van mijn zus was beland.
Dus greep ik in door ze meteen om te wissellen en omdat ik er toch al zo vroeg bij was kon het gen kwaad om mijn kadeau al open te maken.
Tot mijn grote schrik bleek dat het grote kadeau een babyslabbertje was.
Ik maakte snel het andere kleine kadeau ook open en daar was een alleraardigst mooi lego doosje met een soort brandweerautotje.
Het is lang geleden en ik kan me niet meer zo goed herinneren wat ik toen gedaan heb maar volgens mij heb ik het toen heel slim gespeeld.Anders had ik toch nog wel de herinnering dat mijn ouders en m'n zus heel erg boos op me waren geweest.
Kortom een wijze les!
Klein maar fijn!!
mijn kunst website

3 x in Jeruzalem


Dit is sinds lange tijd weer eens iets wat ik heb gemaakt.
Ik heb wel weer zin om weer wat meer te maken.

Museumplein

Dus zo zag het er toen uit daar op het museumplein

Aditute


Dit was op de uitmarkt.
Ik en JC hadden de mogenlijkhijd gekregen wat te schilderen op een stijger.
De mensen v de schoonmaak zijn op zo'n dag altijd erg actief.
Mijn oom die langs liep wees me hierop.

Good morning in Amsterdam

Dit was weer eens zo'n typische zondagochtend op het torbekkeplein waar ik JC dan vaak opzocht om een jointje mee te roken en om wat te praten over de kunst en over meisjes.
JC is de grootste live soapopera die ik ken dus dat is altijd erg vermakelijk.

Dit was ik met Kerst in Radvik!
He je weet toch!!

Ziet er nie uit!!!

He dit is op dit moment nog gewoon een test en ik weet niet of ik het hier wel mee eens ben kom gerust een andere keer terug dan ziet het er wat slimmer uit allemaal.

De zomer komt er aan!